Bodemrijk

Uitvoering 2013 t/m 2017

Provinciale subsidie: Uitvoering bodemverbeteringsmaatregelen Haarlo en Olden Eibergen. Het project is mede mogelijk gemaakt door Provinciale bijdragen en heet formeel: “Win win, met een verbeterde bodemkwaliteit naar een betere waterkwaliteit voor Haarloseveld en Olden Eibergen”. Een hele mond vol en we gebruiken daarom als werktitel nu: “Bodemrijk”.

Over het project

De formele regelingen van dit project kunt u via deze link bekijken. Vanaf 2013 maken we gebruik van de kennis over de bodem, die is opgedaan bij een vorig project Gezond Zand. Kennis verzamelen en uitwisselen blijft overigens een belangrijk onderdeel.

Daarnaast nemen we echter ook verschillende concrete maatregelen, die mede mogelijk zijn door Provinciale bijdragen ter compensatie van (extra)kosten of opbrengstderving die boeren maken. In de praktijk nemen we de volgende maatregelen om het organisch stofgehalte in de bodem te behouden en/of te vergroten:

Maatregelen

1. Mais met onderzaai: deze maatregel wordt op ruim 90 ha jaarlijks toegepast en is succesvol. Wanneer de mais ongeveer 50 cm hoog is dan wordt er Italiaans raaigras tussen de rijen gezaaid. Gevolg is, dat bij de oogst in het najaar er reeds een (volle) groenbemester staat. Dit zorgt voor extra biomassa in de bodem en daarmee ook meer organische stof en betere structuur. In 2016 kon er slechts 63 ha onderzaai plaats vinden doordat de vele regenval zaaien deels onmogelijk maakte.

2. Proeven met humuszuur: humuszuur is een afvalproduct van Vitens in laagveengebieden. Met toediening van humuszuur kan de beworteling gestimuleerd worden en we hebben dat ook geconstateerd. Een opbrengstvermeerdering is alleen aangetoond op grasland, maar niet op akkerland. De proeven hebben met name plaats gevonden in 2014 en 2015. We onderzoeken nu ook of de toevoeging van humuszuur kan bijdragen aan een vermindering van de dosering voor gewasbeschermingsmiddelen.

3. Inzetten van mestscheider: we beschikken over een mestscheider die ingezet wordt om de mest te scheiden in een dikke en dunne fractie. Hierdoor kunnen we gerichter gaan bemesten. Door steeds meer kennis over de bodem weten we ook steeds beter wat de bodem nodig heeft. Bemonstering van de bodem en van de mest is daarbij essentieel en wordt ook toegepast. Dunne fractie vooral op grasland en dikke fractie op met name maisland.

4. Meer organisch materiaal (biomassa): Door toevoeging van extra biomassa proberen we de bodem te verbeteren. Door een hoger organisch stofgehalte weten we inmiddels dat dit gunstig is voor een aantal zaken:

5. Betere en duurzamere bodemvruchtbaarheid en daarmee ook opbrengsten;

6. Beter filtrerend effect en daarmee ook minder uitspoeling en daarmee gunstig voor de drinkwaterwinning;

7. Beter waterbergend vermogen en daarmee gunstig voor Waterschap, Vitens en landbouw;

8. Betere biodiversiteit in de bodem en daarmee hogere natuurlijke waarde.

Deze laatste maatregel van meer organisch materiaal (biomassa) kent echter nogal wat knellende wet- en regelgeving. Daarom is door de Stichting met diverse partijen zoals Provincie Gelderland, Gemeente Berkelland, Waterschap Rijn en Ijssel, Vitens, en Rijkswaterstaat overleg gevoerd. Dit heeft geleid tot een projectaanvraag om in het gebied een pilot te laten plaats vinden om op een praktische en legale manier tot aanwending van biomassa te komen.

Het project is in het kader van POP-3 toegewezen en zal formeel starten nadat de beschikking ook formeel is afgekomen en dat zal in ieder geval 2017 zijn.

Het project heet officieel: Biomassa in het Haarloseveld en Olden Eibergen: Organische stof tot nadenken. Onder project Biomassa vindt u nadere informatie.

Praktijk proeven vormen een belangrijk onderdeel.